Hildebrandstraat 14
5242 GE Rosmalen
06-20406009
073-5217753
b.vandermeer@home.nl
http://www.bobvandermeer.info
http://www.bullying.nl

Caroline Dijkman | Afdrukken |  E-mail

Contact met Caroline Dijkman
 Caroline Dijkman, docente biologie/verzorging aan het Sint Maartenscollege in Maastricht, mailde mij op op 6 januari 2014. Haar vraag was of ik een analyse wilde uitvoeren naar het antwoord op de vraag of zij door haar collega's was gepest.
Met behulp van vijf objectieve instrumenten stelde ik vast dat zij door haar collega's was gepest en mailde - volgens afspraak - mijn analyse aan haar man, Steven Schoevaart: zij kon er niet meer tegen om met haar pestprobleem bezig te zijn.

Relatie tussen pesten en ptss
Op grond van het onderzoeksresultaat van Leymann, hoogleraar Arbeids- en Organisatiepsychologie in Duitsland, dat werknemers die langer dan zes maanden op het werk zijn gepest, een zeer grote kans op een post traumatische stress syndroom lopen, adviseerde ik ook haar zich onder de hoede te stellen van een psycholoog of psychiater die een ptss-test mocht afnemen. Het advies volgde ze op om tot de ontdekking te komen dat haar - toen - behandelend psycholoog weigerde de test af te nemen. De reden: waarschijnlijk onkunde.

Zelfmoord
In augustus 2015 ontving ik van haar man, Steven Schoevaart, het treurige bericht dat Caroline vanwege pesten door haar collega's van de vakgroep biologie-verzorging van het Sint Maartenscollege, een einde aan haar leven had gemaakt. Een brief hierover had Caroline aan de redacties van twee kranten doen toekomen: De Limburger en De Volkskrant. In deze brief noemde zij de namen van haar pestende collegá's, op het einde van welke brief zij als eerste mijn naam noemde, met wie de redacties contact konden opnemen voor nadere informatie of toelichting.

Gerard Peters
Op haar begrafenis ontmoette ik Gerard Peters, die 40 jaar op het Sint Maartenscollege werkzaam was geweest als docent, docentenbegeleider, leerlingbegeleider en vertrouwenspersoon. Uit eigen beweging en onomwonden gaf hij te kennen dat het pesten van een aantal collega's de oorzaak van Caroline's zelfmoord was geweest.

Onderzoekscommissie
Na consultatie van het ministerie van SZW en OVAL (duurzame inzetbaarheid) besloot de Raad van Bestuur van het Sint Maartenscollege om dr. W. van Rhenen (Business University Nyenrode, leerstoel Engagement & Productivity, bedrijfsarts) aan te stellen als voorzitter van de externe onderzoekscommissie. Prof. dr. van Rhenen heeft daarop de volgende leden voor de onderzoekscommissie aangezocht:
- Drs. D. van Bennekom (oud-bestuurder Alliantie voortgezet onderwijs en oud-bestuurder VO-Raad).
- Dr. C. Bollen (psychiater, expertise preventie suicide).
- Mr. P.C. Vas Nunes (expertise arbeidsrecht).
- Prof. dr. D.R. Veenstra (Rijksuniversiteit Groningen, leerstoel sociologie, expertise pesten).

Onderzoeksrapport en mijn reactie
Op 24-06-2016 mailde Steven Schoevaart mij het door de commissie gemaakte niet gedateerde onderzoeksrapport, op welk rapport ik een reactie schreef.

Volstrekt onacceptabel
 In het artikel 'Weduwnaar gepeste docent ontvangt schadevergoeding', geplaatst in De Volkskrant op 29-06-2016, zegt André Postma, voorzitter van Limburgs Voortgezet onderwijs (LVO) "dat in het rapport niet onomstotelijk vast is komen te staan dat Dijkman echt werd gepest. Er is geen Salomonsoordeel geveld".
Het probleem met deze uitspraak is dat de onderzoekscommissie geen opdracht had onderzoek te doen naar een eventuele pestsituatie, om welke reden de uitspraak van de voorzitter van de Raad van Bestuur van het Sint Maartenscollege dat niet onomstotelijk is vast konen te staan dat Caroline Dijkman echt werd gepest volstrekt onacceptabel is.

Mijn analyse
Hieronder mijn analyse die ik op verzoek van Caroline en haar man Steven heb gemaakt. Deze analyse zal echter pas op deze site worden geplaatst nadat ik de inhoud ervan heb voorgelegd aan mijn rechtsbijstandsverzekeraar ARAG en/of het Huis voor Klokkenluiders: ik wil niet verantwoordelijk worden gesteld voor een eventuele zelfmoord van een van de pestende collega's van Caroline, wanneer mijn analyse openbaar wordt. Ook wil ik geen proces wegens smaad.

Vijf objectieve instrumenten
Met behulp van vijf objectieve instrumenten heb ik namelijk onomstotelijk aangetoond dat Caroline Dijkman door haar collega's is gepest, hiermee de woorden van de voorzitter van de Raad van Bestuur van het Sint Maartenscollege logenstraffend dat de daartoe ingestelde commissie niet onomstotelijk heeft vastgesteld dat Caroline door haar collega's was gepest en de commissie geen Salomonsoordeel hierover heeft geveld. De voorzitter doet het hierbij, zoals gezegd, voorkomen alsof de commissie een of de opdracht had gekregen onderzoek naar pesten te doen en - al dan niet - een Salomonsoordeel over het pesten te vellen. Deze opdracht had de commissie namelijk niet.
   
Vier redenen voor openbaarmaking van mijn analyse
Om vier redenen ben ik van oordeel dat ik het recht heb mijn analyse openbaar te maken.
In de eerste plaats heb ik hiervoor de toestemming van Caroline. In haar afscheidsbrief die aan de redacties van De Limburger en De Volkskrant was gestuurd, noemde Caroline, zoals bekend, onder andere de namen van haar pesters, aan het einde van welke brief zij mij als eerste noemde met wie de redacties contact mochten opnemen voor aanvullende informatie.
In de tweede plaats noemde zij de voor Caroline Dijkman door het UWV ingeschakelde psychiater Dirk Corstens, die bij haar vanwege pesten een zware ptss had geconstateerd. Alhoewel hij een beroepsgeheim had, heeft hij in het Volkskrant-artikel d.d. 12-09-2015 over haar zelfmoord dit beroepsgeheim gedeeltelijk gedeeltelijk opgeheven vanwege het feit dat Caroline ook zijn naam in haar afscheidsbrief had genoemd.
In de derde plaats ben ik niet gebonden aan een beroepsgeheim. Ik ben psycholoog en geen psycholoog NIP (Nederlands Instituut van Psychologen) meer. De reden hiervoor heb ik opgenomen in noot 62 van mijn boek School en geweld, oorzaken en aanpak. Een psycholoog, aangesloten bij het NIP, verplicht zich te houden aan een aantal afspraken, onder andere over geheimhouding. Omdat ik geen lid meer van het NIP ben, ben ik ook niet gebonden aan deze afspraken, maar aan de eigen afspraken die ik met cliënten maak. Over de geheimhouding heb ik met Caroline geen afspraken gemaakt, zoals ik die met cliënten na Caroline wel vastlegde. Juridisch is er derhalve geen belemmering mijn analyse openbaar te maken, maar voor de zekerheid leg ik dit probleem ter beoordeling aan een aantal deskundigen voor.
En in de laatste plaats doe ik een beroep op artikel 658, Burgerlijk Wetboek. Dit artikel verplicht, middels lid 1, elke werkgever maatregelen te treffen inzake niet alleen fysieke veiligheid voor zijn werknemers, maar door een arrest van de hoge Raad, ook psychische veiligheid (1). Volgens dit artikel pleegt een werkgever die geen lichamelijke dan wel geestelijke veiligheid aan zijn medewerkers geeft, een onrechtmatige daad. En heeft hij, wanneer een werknemer hem op de hoogte stelt van het feit dat hij/zij wordt gepest, volgens lid 2, de plicht, al dan niet door inschakeling van een deskundige, aan te tonen dat daar geen sprake van is of is geweest (omgekeerde bewijslast). Hierop kan de bewuste werknemer contra-expertise aanvragen en via zijn advocaat de twee zienswijzen aan de rechter ter beoordeling voorleggen. 

Rechtsongelijkheid
En hier stuiten we op een grote (rechts)ongelijkheid: in alle mij bekende zaken schakelt de werkgever een advocaat of advocatenkantoor in. Dit doet hij in het onderwijs met gemeenschapsgelden en in bedrijven en organisaties met behulp van bedrijfsgelden, gelden die daarvoor niet zijn bestemd.

Van drie zaken één

Van drie zaken één. Of het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid stelt een fonds in om (proef)processen te voeren inzake pestsituaties. Dit voorstel van mijn kant werd overigens door minister Asscher, zonder opgaaf van redenen, geweigerd.
De werkgever betaalt de kosten voor deze processen uit eigen zak, tweede mogelijkheid. Dit om te voorkomen dat hij door blijft procederen.
Derde mogelijkheid: hij schakelt met behulp van gemeenschaps- of bedrijfsgeld, een advocaat, niet alleen voor zichzelf, maar ook voor zijn medewerker, in. Het voorkomt dat werkgevers, met behulp van voornoemde gelden, hun medewerkers - niet alleen psychisch, fysiek, maar ook financieel - afmatten.
Op welke manier dit geëffectueerd kan worden is mij vooralsnog onduidelijk, Dat aan voornoemde rechtsongelijkheid iets moet worden gedaan is intussen duidelijk. Pestende leidinggevenden besteden erg veel geld en energie aan advocaten en advocatenkantoren om - in veel gevallen goed presterende en hoog gemotiveerde werknemers het juridisch zo moeilijk te maken dat zij - al dan niet vrijwillig - de onderwijsinstelling, organisatie of het bedrijf verlaten of zó afmatten dat ze ziek worden en in de WIA of bijstand terecht komen.

 
© 2017 Bob van der Meer